Gemeld bij de Raad

Bureau Jeugdzorg doet een melding bij de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad) op grond van zorgen over de ontwikkeling en veiligheid van uw kind. De ingezette hulp is niet toereikend en u bent niet gemotiveerd voor verdere hulpverlening om de situatie te verbeteren.

We doen een melding zoveel mogelijk in overleg met u, bespreken die met u en verwerken uw reactie in het verslag. Ook leggen wij u in een gesprek uit wat deze melding betekent en wat er verder gaat gebeuren. In uitzonderingssituaties kan hier echter van worden afgeweken.

 

De Raad doet na een melding onafhankelijk onderzoek naar de situatie waarin uw kind opgroeit. De raadsonderzoeker voert verschillende gesprekken met uw gezin, maar bijvoorbeeld ook met een leraar of huisarts. Het onderzoek wordt afgesloten met een rapport. Hierin staat welke problemen er zijn en wat uw mening is over de situatie. Ook staat er in wat de Raad vindt van de problemen en wat zij denkt dat er moet gebeuren.

 

Op basis van het onderzoek kan de Raad oordelen dat verplichte hulp niet nodig is. Zij kan u dan wel adviseren om hulp te zoeken. Uit het onderzoek kan ook blijken dat de ontwikkeling van uw kind bedreigd wordt en dat hulp verplicht gesteld moet worden. In dat geval vraagt de Raad aan de kinderrechter om de situatie te beoordelen. Deze bepaalt dan of uw kind een kinderbeschermingsmaatregel opgelegd moet krijgen.

 

Met een kinderbeschermingsmaatregel grijpt de kinderrechter in. Uw ouderlijk gezag wordt beperkt (ondertoezichtstelling) of u wordt eruit ontheven (voogdij). De begeleiding komt dan van de afdeling Jeugdbescherming van Bureau Jeugdzorg.